Preekschets van zondag 1 september


Preekschets voor V.E.G. OPSTAP d.d.
1 sept. 2019

Thema: De vrouw in de Gemeente + Omgaan met verschillen.    

1e Lezing:Hand. 16:9 + 13-14 + Filippenzen 4:1-7

Inleiding: Vakantie in Macedonië

Veel mensen zijn ook dit jaar weer op vakantie gegaan. Een belangrijk vakantieland is Griekenland. Wat veel mensen niet weten is dat Griekenland op het land grenst aan Turkije. Dat is de Griekse provincie Macedonia. (Niet te verwarren met het land Noord-Macedonië dat tussen Albanië en Griekenland ligt.) Het zijn, op de toeristische centra na, armoedige gebieden. In die toeristische gebieden zijn vele archeologische bezienswaardigheden. Waaronder onder ook vele tempels van Griekse goden en godinnen.

 

Een van de tempels was gewijd aan de godin Artemis. Omdat deze godin door velen werd aanbeden was de plaats van de vrouw meer in aanzien dan elders in het Midden Oosten. Later werd de positie van de vrouw veelmeer ondergeschikt aan de man. Vooral na 350 n. Chr. werd onder invloed van de Romeinse keizer Constantijn de Grote, die zich bekeerde, iedereen verplicht om christelijk te worden. Nadien werd de positie van de vrouw, vooral onder invloed van de kerkvader Augustines, ondergeschikt gemaakt aan die van de man.

Ik heb veel nagelezen in de Bijbel over de positie van de vrouw. En als je nauwkeurig leest dan bemerk je dat er vele plaatsen zijn die aantonen dat vrouwen weldegelijk leiding gaven. We lezen dat de vrouwen profeteerden en belangrijke posities hadden in de 1e gemeente. De bekende kerkhistoricus Wayne Meeks schreef het volgende:
Het aantal vrouwelijke dienaren in de Paulinische beweging 'bijna gelijk is aan dat van mannen'. In Romeinen hoofdstuk 16 worden negenentwintig mensen genoemd; ten minste tien hiervan zijn vrouwen. Bovendien staan twee vrouwen - Phoebe en Prisca - aan het hoofd van de lijst. Van de vijf christenen in de kerk in Philippi, een kerk gesticht door Paulus, zijn er drie vrouwen(Lydia, Syntyche en Euodia) en twee mannen. Als we nadenken over wat het Nieuwe Testament ons laat zien over Paulinische kerken, lijkt het erop dat Meeks gelijk heeft: vrouwen waren actief betrokken bij kerken en ondernemingen in verband met de apostel Paulus in aantallen die "bijna gelijk waren aan die van mannen".

De positie van de Vrouw
 De apostel Paulus heeft 3 zendingsreizen gemaakt en een 4e reis als gevangene toen hij moest verschijnen voor de Keizer van het Romeinse rijk. De 1e lezing ging over een gebeurtenis op de 2e zendingsreis. Paulus ontmoet daar Lydia de rijke purperverkoopster. Zij komt tot geloof en met nog enkele andere vrouwen en mannen gaat zij leiding geven aan de nieuwe Christengemeente in Filippi.

De 2e lezing is uit een brief aan de gemeente van Filippi. Paulus schreef hem terwijl hij in gevangenschap in Rome was. Hij mocht daar mensen ontvangen maar hij mocht Rome niet verlaten. Zo zijn er broeders uit Filippi gekomen die over de gang van zaken in de gemeente van Filippi vertelden. Dat is de aanleiding voor Paulus geweest om de brief aan de Filippenzen te schrijven. In deze brief worden een paar mensen met name genoemd. Het zijn de leidinggevende vrouwen Euodia en Syntyche.

In sommige Bijbelvertalingen uit de 13de eeuw zijn deze vrouwelijke namen door R.K. vertalers vermannelijkt. Je leest daar over Euodias en Syntychus.
De vrouwen in de eerste Gemeente waren anders maar gelijkwaardig aan mannen. In de grondtekst staat echter duidelijk dat het vrouwelijke namen zijn.
De R.K. kerk had het moeilijk met het feit dat in de Bijbel de rol van de vrouw gelijkwaardig was aan die van de man. Zij stelden alles in het werk om dat te verhullen. Hierdoor heeft de vrouw in de RK Kerk  en in de meeste christelijke kerken nog steeds een ondergeschikte rol.
 
Kern 2: Euodia en Syntyche
Maar goed we gaan even verder met deze 2 vrouwelijke leiders Euodia en Syntyche. Deze twee vrouwen hadden blijkbaar verschillende karakters want Paulus roept hen op om eensgezind te zijn. Zij moesten hun kijk op bepaalde zaken niet laten uitgroeien tot verdeeldheid in de gemeente. Paulus geeft ene Synergos (= mede-jukdragen), ook wel vertaald met medewerker, de opdracht deze oprechte vrouwen te helpen om hun verschillen bij te leggen omwille van de eenheid in deze gemeente. Sommigen zeggen dat het ene Epaphroditus kan zijn geweest want hij moest de brief van Paulus naar Filippi brengen. Deze man is later ook de 1e bisschop van Filippi geworden.   

Wat deze verschillen waren, tussen de 2 vrouwen, wordt niet vertelt. Maar je kunt je er wel iets bij voorstellen. Vooral als je de betekenis van hun namen opzoekt.

Euodia betekend een zoete geur.Dit kan er op wijzen dat zij een zachtaardige vrouw was. Iemand die ruimhartiger was t.o.v. zondaars.
Syntyche betekend de gelukkige geroepene. Dit wijst op een duidelijke geroepenheid en daardoor had zij een sterkere doelgerichtheid.
Hierdoor oordeelde zij misschien wel harder over gemeentelijke aangelegenheden dan haar vriendin Euodia.
De onbekende medestrijder (“Synergos”) van Paulus werd opgeroepen om de beide vrouwen te stimuleren om de eenheid in Christus te bewaren. Uit vers 3 blijkt dat Paulus deze vrouwen zeer waardeert “die samen met mij in de verkondiging gestreden hebben” en dat hij geen voet wil geven aan de idee dat hun verschil van mening typisch vrouwelijk was. Paulus uitspraak mag mijns inziens niet worden aangehaald als een bewijs voor de vermeende ondergeschikte rol van de vrouw.

De apostel Paulus leert, via deze brief, aan deze gemeente en aan deze vrouwen dat je beter richten kunt op genade en vergeving die God in Jezus aan de mensheid geeft. Dat is beter dan je te storen aan de verschillen van inzicht die er tussen mensen zijn.
Syntyche wordt erop gewezen dat je ook doelgericht bezig kunt zijn als je vriendelijk blijft! Hij schrijft dat de Heer nabij is maar we weten ook dat de boze nabij is. Deze leugenaar van den beginne is er altijd op uit om tweedracht te zaaien. Juist door je te richten op vreugde en vriendelijkheid kun je de boze de pas afsnijden. Syntyche moet haar bezorgdheid niet de boventoon laten krijgen. Euodia moet niet te zacht zijn, ze moet de zondaars wel wijzen op een levenswandel die past bij Christus. Beiden worden ze opgeroepen om te bidden tot God. Hij is het immers die de eenheid in de gemeente kan bewerken en wel op Zijn manier.

Helaas leren wij uit de kerkgeschiedenis dat 350 jaar na Chr. de leiders van de R.K. kerk de volkeren hebben gedwongen tot het geloof in Christus te komen in plaats van hun te verlokken door de geweldige rijkdom van het evangelie.
Door die gedwongen bekeringen waren er veel minder persoonlijke bekeringen. De kracht, de invloed en de kennis van het evangelie in het persoonlijke leven werd daardoor veel minder. Je was christen omdat je nu eenmaal in een christelijk land woonde. Als je geen christen was dan werd je vaak gedwongen om het christelijke geloof aan te nemen.
(Zo gingen Bonifatius e.a. ook te werk in Friesland!)

 

Slot: Wat leren we hiervan
De RK kerk met o.a. haar inquisitie maakt één ding duidelijk: “We moeten als christenen niet steeds anderen willen corrigeren”. Aanvaard elkander zoals ook onze hemelse Vader ons heeft aanvaard. Syntyche moet leren omgaan met Euodia en andersom!

We mogen geloven dat God in staat is door Zijn Geest iedere gelovige verder te leiden.
Johannes leert in 1 Joh. 2:27b: U hebt de heilige Geest ontvangen en die blijft bij U en ge hebt niet van node dat iemand u onderricht.

Jezus zelf zegt in Matth. 23:7 -11 
Gij zult u niet rabbi laten noemen;
8 want een is uw Meester en gij zijt allen broeders.
9 En gij zult op aarde niemand uw vader noemen, want een is uw Vader, Hij, die in de hemelen is.

10 Laat u ook geen leidslieden noemen, want een is uw Leidsman, de Christus.

11 Maar wie de grootste onder u is, zal uw dienaar zijn.
Als leraar of dominee of oudste moet je eigenlijk alleen maar wijzen op Jezus.
Hij is voor iedere gelovige het voorbeeld. Hem moeten we navolgen dan zal gelden wat in vers 7 staat: “De vrede, die alle verstand te boven gaat, zal uw harten en gedachten bewaren in Christus.”  
We lazen in de 2e schriftlezing dat de apostel Paulus maar één ding leert:
We moeten zelf contact zoeken met God door te bidden en te smeken en om raad te vragen bij God zelf.

We lezen het nog een keertje!
4 Verheugt u in de Heer, altijd; nog eens zal ik zeggen: verheugt u!
5 Laat uw vriendelijkheid bekend worden aan alle mensen. De Heer is nabij.
6 Weest over niets bezorgd, nee, laten in alles, in aanbidding en smeking met dankzegging, uw vragen bekend worden bij God.
7 En de vrede van God, die alle denken te boven gaat, zal uw harten en uw gedachten bewaren in Christus Jezus.

De adviezen van de apostel Paulus waren niet alleen bedoelt voor de gemeente in Filippi we mogen ze ook vandaag nog toe te passen in ons leven en in onze gemeente. Als we dat doen dan zullen we ervaren dat onze harten vervult gaan worden met vreugde en met een vrede die alle verstand te boven gaat.